in

Lightpainting: creatief schilderen of tekenen met licht

Door te werken met lange sluitertijden en bewegende lichtbronnen, ben je als fotograaf in staat om je eigen, niet-bestaande fantasiewereld te creëren. Je stapt als fotograaf in je compositie en de lichtvormen die je zelf tekent, vormen de basis van je foto. In dit artikel vertellen we hoe je dit op de juiste manier aanpakt.

Zoals uit de kop boven dit artikel blijkt, kun je lightpainting in twee hoofdsoorten onderverdelen: lightpainting (schilderen met licht) en lightdrawing (tekenen met licht). Bij lightpainting ‘beschilder’ je je onderwerp met bijvoorbeeld je zaklamp. Bij lightdrawing beweeg je met een heldere lichtbron door je beeld, waarbij je patronen, letters of geometrische figuren tekent. Bij lightpainting is de omgeving vaak je hoofdonderwerp; bij lightdrawing draait het juist om je eigen creatie. Door te variëren in lichtintensiteit, vorm, formaat en kleur zijn je mogelijkheden met deze technieken eindeloos. In dit artikel richten we ons op toepassingen waarbij een juiste balans tussen omgeving, model, compositie en belichting ontstaat. 

Camerabediening en scherpte

Om voldoende tijd te hebben voor ons schilder- of tekenwerk, werken we bij lightpainting altijd met lange belichtingstijden. Deze variëren van één seconde tot één minuut of nog langer. Om een scherp beeld vast te leggen, werken we dan ook vanaf een stevig statief. Omdat het aanraken van de camera al tot trilling leidt, gebruiken we een afstandsbediening voor onze camera. Een afstandsbediening met kabel is minder geschikt, omdat je dan niet zelf je beeld kunt binnenstappen om het licht te bedienen. Door te werken met een draadloze afstandsbediening kun je zelf als beeldend element fungeren. Naast de draadloze triggers die te koop zijn, hebben sommige camera’s tegenwoordig zelfs een eigen app zodat je de camera met je smartphone op afstand kunt bedienen. 

Pitafrikandel

Camera’s hebben vaak moeite om in het donker automatisch scherp te stellen. Daarom doen we dat handmatig. Voor het scherpstellen beschijn je je onderwerp of model met een sterke zaklamp. Als je camera live-view heeft, kun je inzoomen tot 100% om het scherpstellen te vereenvoudigen. Als je camera ‘focus peaking’ heeft, kun je deze functie activeren. Deze helpt je om handmatig scherp te stellen doordat op het scherm van je camera de randen van punten met een groot contrast oplichten. Verleg je de scherpstelling, dan zal deze rand eveneens verschuiven. Gebieden die niet scherp zijn, worden ook niet gearceerd. Zo kun je dus controleren of wat jij denkt dat scherp is, dat ook daadwerkelijk is. Het is handig om te onthouden (of op de grond te markeren) waar je scherpstelpunt ligt, zodat je niet iedere keer opnieuw hoeft scherp te stellen.

Sommige camera’s en objectieven hebben beeldstabilisatie die je aan of uit kunt zetten. Bij het fotograferen uit de hand helpt beeldstabilisatie om scherpe beelden te maken. Zet deze optie echter uit als je fotografeert vanaf een statief. De beeldstabilisatie is hier niet goed op afgesteld en geeft soms juist onscherpe beelden. Bij veel camera’s kun je ook ruisonderdrukking bij lange sluitertijden inschakelen: de camera maakt dan vlak na de opname nog een ‘zwartopname’ met dezelfde belichtingstijd (elders in dit nummer meer daarover). Je kunt ook deze functie beter uitschakelen zodat je achter elkaar door kunt fotograferen.

Bulb

Bij het werken met lange sluitertijden maken we voor belichtingen tot 30 seconden vaak gebruik van de M-stand van onze camera. Bij lightpainting willen we echter als fotograaf graag exact bepalen wanneer onze sluiter opengaat en weer dichtgaat. We werken daarom altijd in de B(ulb)-stand. Kijk voor je eigen camera even na of je de ontspanknop op de afstandsbediening ingedrukt moet houden, of dat je de sluiter met de eerste klik opent en met de tweede klik weer sluit. Kun je kiezen? Dan is de klik-aan/klik-uit-methode de prettigste manier. 

Yvonnevandermeer

Sensorwerking

Onze camera registreert licht dat gereflecteerd of uitgestraald wordt door onderwerpen in onze compositie. Zolang onze sluiter openstaat tijdens de belichting, ‘stapelt’ de sensor het licht. Terwijl onze camera dit licht verzamelt, kunnen er verschillende dingen gebeuren in onze compositie. Die verklaren waarom het ene object duidelijk wordt weergegeven en het andere juist niet.

• Bij een stilstaand object raakt het licht dat door dit object gereflecteerd wordt de sensor op steeds dezelfde pixel. Dit resulteert in een normaal belicht en scherp weergegeven object.

• Bij een langzaam bewegend object raakt het gereflecteerde licht de sensor over een klein gebied binnen de foto. Het licht wordt verspreid over dit kleine aantal pixels en het onderwerp wordt daardoor vervaagd weergegeven.

• Bij een snel bewegend object wordt het gereflecteerde licht verspreid over een groot aantal pixels in de foto. Dit licht maakt op individueel pixelniveau maar een klein deel uit van de totale belichting. De (stilstaande) achtergrond daarentegen maakt een groot deel uit van de belichting op pixelniveau, omdat de camera die langer registreert. In dit geval resulteert dit in een onderwerp dat zo goed als onzichtbaar is.

• Bij een bewegende lichtbron wordt het door deze lichtbron uitgestraalde licht geregistreerd door een groot aantal pixels in de foto. In tegenstelling tot de eerdergenoemde objecten of onderwerpen, die het licht reflecteren, heeft de bewegende lichtbron door zijn relatief grote helderheid meer invloed op de belichting op pixelniveau dan de achtergrond. De lichtbron is daardoor duidelijk zichtbaar.

Bij lightpainting, waarbij we als fotograaf in het beeld aan het werk zijn, zijn we dus op zoek naar een combinatie van twee hoofdfactoren. We moeten tijdens de belichting snel genoeg bewegen om zelf onzichtbaar te worden, en onze lichtbron moet helderder zijn dan de omgeving. Voor een egale helderheid van je lichtbron in het beeld moet deze ook met een zo constant mogelijke snelheid door het beeld bewegen. Na een paar keer oefenen zul je vanzelf een basissnelheid ontdekken die voor jou persoonlijk goed werkt.

Giesenfotografie

Maak jezelf onzichtbaar

Om jezelf onzichtbaar te maken in je compositie is zwarte kleding een goede keus. Deze reflecteert immers nauwelijks licht. Zorg er ook voor dat logo’s of reflecterende delen afgeplakt zijn met bijvoorbeeld wat zwarte tape. De ledjes die op sommige draadloze afstandsbedieningen zitten, kun je ook beter afplakken als je geen ongewenste ‘highlights’ in beeld wilt hebben.

Lichtbronnen

Bij het kiezen van een lichtbron zijn de mogelijkheden eindeloos. Alles wat licht uitstraalt, kan namelijk ingezet worden bij lightpainting. Met kleine ledlampjes, glowsticks, pixelsticks, RGB-tubes, tl-lamphoezen en staalwol, maar ook met het scherm van je smartphone, kun je effecten meegeven aan je uiteindelijke foto. We bespreken hieronder een aantal veelgebruikte hulpmiddelen.

Staalwol

Een spectaculaire en momenteel erg populaire methode is het werken met staalwol. Je kunt staalwol in elke doe-het-zelfwinkel kopen. Je knipt een stukje van de bundel staalwol en rekt dat een beetje. Als je het aansteekt, gloeit het metaal direct mooi oranje op. Je slingert deze gloeiende prop vervolgens rond terwijl die brandt. Om te zorgen dat de staalwol op zijn plaats blijft zitten, kun je het spul in een garde stoppen die bevestigd is aan een metalen draad. Het effect kan heel indrukwekkend zijn: vonken spatten alle kanten op en ketsen vaak af van bijvoorbeeld muren en tegen de grond. Neem wel de nodige voorzorgsmaatregelen, want staalwol is heel brandbaar en de vonken zijn in feite gloeiende stukjes staal. Dus trek oude, beschermende kleding van natuurlijke materialen aan … geen polyestermix dus!

Toverstokjes

Een tool met heel veel mogelijkheden is de pixelstick of magilight. Deze ‘full colour’ ledverlichtingen hebben 198 (pixelstick) of 144 (magilight) individuele ledlampjes in één lijn staan. Beide sticks werken met een SD-kaart waar je foto’s op plaatst. Deze beelden moeten in bmp-formaat (‘bitmap’) opgeslagen zijn, met eenzelfde hoogte in pixels als het aantal leds in de stick. Terwijl je met de stick door je compositie beweegt, speelt de stick de gekozen afbeelding als het ware af. Als fotograaf bepaal je in het menu de snelheid en lichtintensiteit waarmee de afbeelding wordt geprojecteerd.

Zimmi

Tubes

Een meer organische vorm van lightpainten is het gebruik van zogenaamde tubes. Dit zijn kunststof tl-lamphoezen die in een heldere, gekleurde of melkwitte (‘frosted’) uitvoering leverbaar zijn. Ze worden verkocht in twee standaardmaten: de T-12 tube met een interne diameter van 39 mm en de T-8 tube met een interne diameter van 26,5 mm. In deze tube wordt een zaklamp gestoken, waardoor de tube aan de binnenzijde zal oplichten. Hierbij geldt uiteraard dat hoe sterker de zaklamp is, des te feller het schijnsel. Om de lichtopbrengst te vergroten, kun je in de tube een laagje wit bakpapier plaatsen. Dit papier licht mooi egaal op en zorgt ervoor dat de verlichting gelijkmatig verdeeld wordt. Door gekleurd folie te gebruiken, kun je je heldere tube ook gebruiken als een gekleurde tube. Er zijn voorgekleurde tubes te koop, maar deze houden vaak erg veel licht tegen. Ze werken daardoor alleen goed in echt donkere omstandigheden waarbij je gebruikmaakt van sterke zaklampen.

Om de lichtopbrengst beter te kunnen sturen, maak je gebruik van een zaklamp waarbij je de lichtintensiteit kunt regelen. Als de lichtintensiteit te hoog is, kun je ook een deel van de zaklamp afplakken met een stukje zwarte tape. Door hiermee te experimenteren, kun je een perfecte balans krijgen tussen lamp- en omgevingslicht. Er zijn ook enkele modellen te koop die een traploze instelling van de lichtopbrengst hebben. Om de lamp tijdens een belichting makkelijk aan en uit te kunnen zetten, is een afstandsbediening (‘remote switch’) erg handig.

Een tube straalt normaal gesproken rondom licht uit. Dit betekent dat de fotograaf eveneens wordt beschenen en daardoor zichtbaar wordt op de foto. Om dit te voorkomen, plak je één helft van de tube af met tape. Kies hiervoor tape met een witte plakzijde, zodat je de reflectie naar de camera toe versterkt. Door gebruik te maken van een tube die aan één zijde open is, kun je hulpmiddelen bevestigen die oplichten in je uiteindelijke beeld. Denk hierbij aan veertjes, reflectoren, borsteltjes et cetera. Bij een gesloten tube wordt de omgeving niet rechtstreeks verlicht door de straal van je zaklamp, Wil je geen ongewenst strooilicht in je omgeving? Plak dan het uiteinde van de tube af.

Locatie en tijdstip

De voornaamste keuze die je als fotograaf maakt, is het uitzoeken van een geschikte locatie. Het moet er sowieso donker zijn, maar je kunt ook een locatie uitzoeken die de lightpainting-beelden ondersteunt. Oude gebouwen en fabriekshallen zijn erg geschikt, maar houd er rekening mee dat door de lange sluitertijden soms ongewenste objecten zoals nooduitgang-bordjes kunnen oplichten in je compositie. Stedelijke omgevingen zijn ’s nachts vaak ook erg fotogeniek, en het combineren van de stadsverlichting met je eigen creatieve tekeningen kan bijzonder fraaie resultaten geven. Waterplassen en vochtige stranden geven door hun reflecterende eigenschappen vaak zeer spectaculaire beelden. 

AnnemiekFaberPhotography

Voor iedere locatie geldt de vuistregel dat je goed moet controleren of er geen lichtbronnen in de achtergrond zichtbaar zijn die door je lichtkunstwerk heen schijnen.

Het blauwe uurtje (vlak voordat de zon opkomt en vlak nadat de zon ondergaat) is een populair tijdstip onder outdoor-lightpainters. Tijdens dit blauwe uurtje zijn de lichtbronnen mooi in balans. De lucht is nog niet helemaal donker, waardoor het contrast tussen je tekening en de omgeving nog niet heel erg hoog is. Je lamp wordt later op de avond vaak wat feller, waardoor het contrast weer hoger wordt naarmate de lucht donkerder wordt. Het is dus de kunst om het perfecte moment te vinden waarop de hemel en je lichtbron mooi contrasteren met elkaar. Let er bij je planning wel op dat het blauwe uurtje geen uurtje duurt: het is eerder een blauw kwartiertje. Je perfecte beeld moet dus in die korte periode gemaakt worden.

De uitvoering

Op de door jou uitgekozen locatie maak je allereerst een mooie compositie. Je bedenkt daarbij vooraf welke vormen en tekeningen je wilt maken. Een groothoeklens met een brandpuntsafstand tussen 14 en 24 mm is onder lightpainters de standaardlens. Je bepaalt je scherpstelpunt en stelt de camera zoals eerder gezegd daarop handmatig scherp. De positie van de lightpainter staat hiermee vast. Je past het scherpstelpunt pas weer aan wanneer je onderwerp of compositie wijzigt.

Om voldoende tijd te hebben om je tekening te maken, zoek je naar instellingen waarbij de sluitertijd minimaal 2 seconden bedraagt. Hier zijn geen vaste waarden voor te geven, omdat alles samenhangt met de hoeveelheid omgevingslicht, de sterkte van de gebruikte lamp en de snelheid waarmee je tekent. Als er nog te veel omgevingslicht is, wacht je gewoon wat langer totdat het buiten donkerder wordt. Maak regelmatig een testopname waarop je je instellingen controleert. Bij een buitenlocatie zul je bijvoorbeeld aan het begin van het blauwe uurtje uitkomen op iso 200, F 11 en een sluitertijd van 2 seconden. Naarmate het donkerder wordt, zul je de lichtgevoeligheid moeten opvoeren, en werk je bijvoorbeeld met iso 400, F 5,6 en een sluitertijd van 5 seconden. Later op de avond werk je met een zwakkere lichtbron, omdat deze anders overbelicht raakt in je uiteindelijke foto.

Je bedient de camera middels een (draadloze)afstandsbediening in de B(ulb)-stand. Op het moment dat je je tekening begint, open je de sluiter, en op het exacte moment dat je tekening klaar is, sluit je de sensor weer. Is je omgeving te donker? Dan kun je bijsturen door in te grijpen in je variabelen: langzamer bewegen zodat de sensor meer licht opvangt, of een groter diafragma (lager F-getal) en/of een hogere iso-waarde instellen. Het zoeken naar de juiste mix van instellingen maakt lightpainting zo uitdagend!

Deboerit

Shooting the stars

Fotografeer je tijdens een donkere nacht waarin de sterren goed zichtbaar zijn? Dit biedt de mogelijkheid om spectaculaire beelden te maken. De techniek die je dan gebruikt, wijkt enigszins af van de basistechniek. Eerst stel je een juiste belichting voor de sterrenhemel in, waarbij je de iso-waarde zo laag mogelijk houdt. Streef daarbij naar de langste sluitertijd waarbij de sterren nog weergegeven worden als puntjes. Bij je groothoeklens gebruik je daarvoor de zogenoemde 500-regel. Als je bijvoorbeeld met een 24mm-objectief fotografeert, kom je daarmee op een fullframe-camera uit op 500/24 = afgerond 20 seconden. Als je tijdens de totale 20 seconden blijft tekenen, wordt je kunstwerk te groot en/of overbelicht. Je lost dit op door met een lage lichtintensiteit van de lamp (vanwege de hoge iso-waarde) maar heel kort te tekenen binnen de totale belichtingstijd. Zoals al eerder is gezegd, is het verstandig om bij lange sluitertijden de ruisreductie van je camera uit te schakelen. Die verdubbelt namelijk de tijd die nodig is voor één foto. Met name tijdens dat mooie blauwe uurtje is dat tijdverspilling.

Werken met een model

Het echte werk bij lightpainting zit hem niet in het maken van de foto, maar in de choreografie van de persoon met de lichtbron(nen). Hoe mooier zijn of haar dans, hoe beter het resultaat. Als je gebruikmaakt van een model in je beeld, dient ook de samenwerking met hem/haar optimaal te zijn. Dit houdt in dat je goed communiceert welke vorm je gaat maken en hoelang de totale belichting ongeveer gaat duren. Je telt af naar het moment dat je de sluiter opent en geeft duidelijk aan wanneer de belichting is afgelopen en het model weer mag bewegen.

Je maakt overigens ook gebruik van het model om jezelf bij statische vormen zoals een cirkel te verbergen. Door het model precies tussen de camera en jezelf te plaatsen, kun je jezelf vrijwel onzichtbaar maken achter het silhouet. Door de lichtcirkel zelf worden eventuele uitstekende delen van je lichaam achter deze cirkel gemaskeerd.

Externe flitsers zijn handig om delen van het beeld of je model op te lichten. Dit mag een eenvoudig type zijn, omdat je de flitser in de handmatige stand los van de camera gebruikt.

Zoom Academy

Online kun je de volledige Cursus Fotografeer de avond en nacht van de Zoom Academy volgen. Hierin leer je rond zonsondergang en bij nog minder licht te fotograferen.

Zo leer je onder andere:

  • Het vastleggen van de prachtige kleuren van het gouden uur
  • Het fotograferen in het donker, zoals bij lightpainting
  • Hoe je avondfoto’s maakt in het blauwe uur
  • Alles over de nabewerking en hdr-technieken

Bekijk hier de volledige Cursus Fotografeer de avond en nacht.


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Zo maak je een panorama maken in Lightroom

De beste portretten van 2023!